Inspecteur van politie - opleidingstraject > aan de slag!

De politieopleiding neemt globaal twaalf maanden in beslag, gevolgd door een probatiestage* van 6 maanden. Deze omvat 1314 studie-uren en 328 uren werkplekleren.

De opleidingscyclus start met een onthaal- en introductieweek in de politieschool waar de aspirant-inspecteur die aan de basisopleiding begint de nodige informatie krijgt en kan kennis maken met de erkende syndicale organisaties van de politie.

 

De basisopleiding zelf wordt ingedeeld in twee blokken met bijkomende transversale clusters. De clusters zijn de volgende : 

Blok 1:

cluster 1 : de politiediensten in relatie tot de bestuurlijke en gerechtelijke organisatie van 40 studie-uren;
cluster 2 :
wet op het politieambt van 40 studie-uren;

cluster 3 :
politionele deontologie van 24 studie-uren;

cluster 4 : inleiding recht van 60 studie-uren;
cluster 5 :
wegcode van 30 studie-uren; 


Blok 2 :

cluster 6 : domeinspecifiek recht van 120 studie-uren;
cluster 7 : informatiemanagement van 122 studie-uren;
cluster 8 : politioneel onthaal en bejegening van 78 studie-uren;
cluster 9 : politioneel tussenkomen van 176 studie-uren;
cluster 10 : onderzoeken van 100 studie-uren;
cluster 11 : verkeer van 114 studie-uren;

 

Transversale clusters, doorheen blok 1 en 2 :

cluster 12 : maatschappelijke oriëntering van 32 studie-uren;
cluster 13 : communicatie van 100 studie-uren;
cluster 14 : sport van 90 studie-uren;
cluster 15 : geweld- en stressbeheer van 188 studie-uren.

 

In de opleiding wordt de theorie aan de praktijk getoetst door werkplekleren in de entiteiten van de politie en via praktische schooloefeningen. Het is immers de bedoeling om de mentaliteit, de fysieke conditie, de interventietechnieken en -tactieken, alsook de theoretische en praktische kennis te verwerven die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van het ambt van inspecteur van politie.

De opleiding wordt afgesloten met een reeks examens in verschillende theoretische en praktische domeinen die tijdens de opleiding behandeld werden.

 

*Stage

De aspiranten dienen een probatiestage van zes maanden te lopen bij hun nieuwe werkgever.

De bedoeling van deze stage is van enerzijds een hogere kwaliteitsgarantie te bekomen en anderzijds de begeleiding van de jonge inspecteurs bij hun eerste terreinervaringen te verbeteren.

Na drie maanden stage wordt er door de mentor van de stagiair een verslag opgesteld over diens “wijze van functioneren” . Op het einde van de stage evalueert de mentor, in een samenvattend verslag, of de stagiair in de praktijk “geschikt” bevonden wordt om de functie uit te oefenen.

 

Terug naar de selectieprocedure van inspecteur